Henricus van der Lee 1865 - 1942
Geboren 08-0-1865 te Herpen (RK
Overleden 21-04-1942 te Oss
Vader Theodorus van der Lee
Moeder Antonetta avn Boxtel
Beroep brouwersknecht, vuurstoker, tapper, landbouwer
Dienstplicht 1884
In de "registratie militieregister (in de jaren 1884-1903)" treffen we Henricus van der Lee als nummer 7 aan. Daar eind 19e eeuw mannen tussen de 18 en 20 jaar
opgeroepen werden en gezien de registratienummering moet Henricus zijn opgeroepen in 1884. Het militieregister begint namelijk in dat jaar. Henricus is dan
19 jaar of nog net geen 19 jaar oud. De eerste 7 dagen was hij nog 18, Op 8 januari werd hij 19 en we kunnen helaas niet zien op welke dag van 1884 deze registratie
is gedaan. De dienstplicht bedroeg in de jaren tachtig van de 19e eeuw vijf jaar. De lichtingen van 1882 en 1883 waren zes jaar dienstplichtig. Vanaf de lichting van
1884 was de dienstplicht zeven jaar. Deze dienstplicht hield in dat de mannen zo'n één tot anderhalf jaar werkelijk in dienst waren, na die tijd gingen zij met groot
verlof en moesten daarna nog zo'n twee keer een week of vijf tot zes op herhaling. Henricus viel dus net in de 7-jarige dienstplicht.
Het lotingssysteem
Of je in dienst moest, werd beslist door het lot. De loting vond per gemeente plaats in de hoofdplaats van het kanton. Dit lotingssysteem bleef bestaan tot 1938. Een klein deel van de militieplichtigen nam vrijwillig dienst, een ander deel kreeg vrijstelling en de overgebleven mannen werden door het lot aangewezen. Een laatste mogelijkheid om niet daadwerkelijk in dienst te moeten, was iemand anders in jou plaats te laten gaan. Dit kon tot 1898. Na die datum werd de dienstplicht persoonlijk.
Lotingsdag
De lotingsdag, ook wel 'de officiële dag van de dronkenschap' genoemd was de dag waarop geloot werd door de Nationale Militie. Deze dag ging vaak gepaard
met een overmatige consumptie van sterke drank door de lotelingen, wat niet zelden leidde tot overlast of ongeregeldheden. Soms werd er in de vroege
ochtend al zoveel gedronken dat zelfstandig een lotnummer trekken al een grote uitdaging bleek te zijn. Na de loting trokken de lotelingen massaal
de kroeg in om de uitslag te vieren of om juist de teleurstelling te verdrinken. Om de overlast enigszins te beperken werden er gemeentelijke
voorzorgsmaatregelen getroffen zoals het tijdelijk sluiten van de tapperijen, het sommeren van de kroeghouders geen lotelingen toe te laten, het
vervroegen van de loting of de loting verplaatsen naar drankvrije ruimten. Bij lotingsdag hoorden ook veel landelijke en plaatselijke tradities
waaronder het verschijnen in zondags pak, het spelden van het lotnummer op het hoofddeksel of jas, het versieren van het hoofddeksel
met linten of bloemen, het gebruiken van de lange Goudse pijp, het eten van pannenkoeken en het langs de huizen gaan voor
koffie en krentenstoet.
Het huwelijk 18 juni 1898
Exact een maand voor ze gaan trouwen verhuisd Henricus met aanstaande vrouw en ongeboren kind naar Heesch. Henricus huwt
Johanna de laat de dag voordat hun eerste kind Theodora van der Leegeboren wordt. Vermoedelijk zal het niet echt een groot feest
geweest zijn daar Johanna al liep te zuchten en te steunen en wellicht ook al weeën gehad heeft. Even lekker hossenen springen
zou daar geen goed aan gedaan hebben. Het huwelijk zal dus niet meer geweestzijn dan een registratie op het gemeentehuis
om er voor te zorgen dat het kind in de echt geboren werd en zodoende als erfgenaam zou meetellen. Zo kwam ze niet als onecht
of als bastaard te boek te staan. Henricus en Johanna waren beiden landbouwer en zullen ook wel het een en ander achter de hand
gehad hebben. Op 18 juni 1899 vestigt en registreert Henricus zich in Herpen en vertrekt op 19 juni 1899 naar Berghem.
Theodora van der Lee 19-06-1898
Theodora is de eerstgeborene die koud 1 dag na de huwelijksvolrekking het daglicht begroette.
Theodora is 18 maanden oud geworden
Een menselijke bastaard, onwettig kind, onecht kind of buitenechtelijk kind is een kind van een vader en moeder
die niet met elkaar gehuwd zijn. Een buitenechtelijk kind kon geëcht worden wanneer de ouders alsnog huwden.
Men sprak dan van een "mantelkind" omdat de bastaard met "de mantel der liefde" was bedekt. Dit is met de
inwerkingtreding van de Wet op de Adeldom op 1 augustus 1994 en het verdwijnen van de buitenechtelijke status
in april 1998 in Nederland niet meer mogelijk. Alhoewel er vroeger (vooral uit religieuze hoek) een stigma op
buitenechtelijke kinderen drukte, was dat zeker niet algemeen.