Willem van der Lugt 1880 - 1942
Geboren te Vlaardingen 26-02-1880
Overleden te 's-Gravenhage 29-04-1942
Vader Willem van der Lugt
Moeder Jacoba Mostert
De Wegvinder van het Westeinde (ca. 1900)
In de vroege ochtenduren van het begin van de twintigste eeuw lag het Haagse Westeinde er nog rustig bij. Maar binnen de muren van de bekende meubelfabriek H. Pander & Zn. heerste al volop bedrijvigheid. Tussen de geur van vers gezaagd eikenhout, glanzende lakken en het zware geluid van paardenhoeven op de klinkers, vond Willem van der Lugt zijn dagelijkse roeping. Geboren op 26 februari 1880, groeide Willem op in een tijdperk waarin vakmanschap nog met de hand werd gedragen en logistiek een kwestie was van spierkracht, precisie en loyaliteit. Als bijrijder bij Pander had Willem een cruciale, hoewel vaak onzichtbare taak. Pander stond destijds wijd en zijd bekend om haar exclusieve, topkwaliteit meubelen en luxueuze interieurarchitectuur. Samen met de koetsier vormde Willem de vitale levenslijn tussen de ambachtslieden in de fabriek en de welgestelde buitenwereld. Zijn werkdag bestond uit het behoedzaam laden van de grote, houten meubelwagens. Elk kabinet en elke gecapitonneerde fauteuil werd door Willem met dikke dekens en stevige touwen
gezekerd tegen de schokken van de weg. Gezeten op de bok kende hij de straten van Den Haag op zijn duimpje: van de chique lanen rondom het Lange Voorhout tot de smalle, hobbelige stegen in het oude centrum.
Van de Paardenbok naar de Claxon (ca. 1910)
Rond 1910 beleefde de inmiddels dertigjarige Willem de spannendste revolutie uit zijn loopbaan. Fysiek op zijn sterkst en volwassen in het vak, zag hij hoe de stallen achter de
fabriek aan het Haagse Buitenom plaats maakten voor ronkende motoren. Het rustige geklop van paardenhoeven werd ingeruild voor het diepe, mechanische geluid van de
vroege vrachtwagen. Willem zat vanaf dat moment trots op de bijrijdersbank van een van de modernste transportmiddelen van de stad. Op de zijkant glansde nog altijd in
trotse letters het koninklijke merk: H. Pander & Zonen. De intrede van de vrachtwagen veranderde het werk ingrijpend. Door de hogere snelheden en de constante trillingen
van de vroege verbrandingsmotor was het risico op verschuiven veel groter. Willem moest de kostbare lading nóg secuurder met dikke jutte dekens zekeren. En hoewel de
vrachtwagen het rijwerk versnelde, bleef het sjouwwerk zwaar handwerk. Juist bij de statige Haagse herenhuizen waren Willems spierkracht en ervaring onmisbaar om de
meubels zonder een schrammetje via de krappe trappenhuizen naar boven te krijgen.
De Geur van Hout en de Stem van de Fabriek (De Jaren '20)
Achter de gevels van het Buitenom ging een complete microkosmos schuil. Hoewel Willems hoofdtaak op de vrachtwagen lag, bracht het laden hem dagelijks diep in het hart van
de werkplaatsen. De lucht was er dik van het fijne zaagsel van kostbaar mahonie- en eikenhout, vermengd met de scherpe, zoete geur van warme beenderlijm en de chemische
damp van politoer. Het ritmische geklop van de beeldhouwers die ornamenten uitstaken, werd overstemd door het gierende geluid van moderne, elektrisch aangedreven schaaf-
en zaagmachines. Er gold een strakke discipline; de fluit van de fabriek bepaalde onbarmhartig het ritme van de dag. Maar er was ook een enorme kameraadschap. Men
vertrouwde blindelings op Willem om hun handgemaakte meesterwerken veilig door het drukke Haagse verkeer te loodsen.
De Vleugels van de Bijrijder (ca. 1924–1934)
In 1924 nam directeur Henk Pander een besluit dat de hele Nederlandse industrie op zijn kop zette: de fabriek stapte in de vliegtuigbouw. Vliegtuigen uit die tijd bestonden
grotendeels uit vederlicht houtwerk, bespannen met linnen. Pander zette haar beste fijn-meubelmakers in voor dit precisiewerk. Vanaf dat moment werden er in de fabriekshallen
naast salonkasten ineens propellers, rompen en vleugels gemaakt. Voor Willem als bijrijder veranderde de aard van zijn lading compleet. Waar hij voorheen sjouwde met massief eikenhout, hanteerde hij nu frames van vurenhout en fragiel triplex. De vracht was niet langer zwaar, maar wel extreem kwetsbaar; een te strak aangetrokken touw kon het strak gespannen vliegtuiglinnen direct beschadigen. Willem reed nu regelmatig mee op de vrachtwagen naar locaties zoals het nabijgelegen Vliegveld Ockenburg of Vliegveld
Waalhaven bij Rotterdam, waar de legendarische toestellen (zoals de latere Pander Postjager) definitief werden gemonteerd.
Een Onvergetelijke Reis door de Tijd
Willem van der Lugt begon zijn loopbaan rond de eeuwwisseling met het kalme tempo van paardenhoeven, maakte de technologische versnelling mee op de bijrijdersstoel van de
eerste vrachtwagens, en eindigde te midden van het trotse gebrul van vliegtuigmotoren. Hij was een hardwerkende Vlaardinger die, gezeten op de bok en in de cabine, letterlijk
meebouwde aan de tastbare geschiedenis, de innovatie en de grandeur van de Nederlandse industrie. Uiterste precisie op de vrachtwagen: Een te strak aangetrokken touw of een verschuiving in de laadbak van de vrachtwagen kon het strakgespannen vliegtuiglinnen direct beschadigen. Willems decennialange ervaring met het secuur zekeren van vracht was kostbaarder dan ooit. Op weg naar het vliegveld: De voltooide vliegtuigonderdelen werden op de Pander-vrachtwagens geladen. Willem reed als bijrijder mee naar locaties zoals het nabijgelegen Vliegveld Ockenburg of Vliegveld Waalhaven bij Rotterdam. Daar werden de toestellen definitief gemonteerd voor hun testvluchten. Willem stond zo met zijn voeten in de Haagse klei, terwijl hij letterlijk meebouwde aan de droom van het vliegen. Hij zag hoe de fabriek sportvliegtuigen, lestoestellen voor de marine en uiteindelijk in de vroege jaren 30 de beroemde Pander S.4 'Postjager' produceerde. Willem van der Lugt begon zijn loopbaan rond de eeuwwisseling met het kalme tempo van paardenhoeven, maakte de versnelling mee op de bijrijdersstoel van de eerste vrachtwagens en eindigde te midden van het trotse gebrul van vliegtuigmotoren. Een ongekende sprong in de tijd, die hij als trouwe Pander-man van dichtbij heeft vormgegeven.